dinsdag 7 april 2009

Aflevering 14: De vulkaangod




De apen schreeuwen zoals alleen apen dat kunnen en duwen Flapflap en Wif met puntige stokken naar de rand van de vulkaan. Professor Kramski kijkt, op veilige afstand, tevreden naar het wrede apen-ritueel. Voor hen strekt een meer van vuur zich uit. De vulkaan: een hele nare combinatie van allesverzengende hitte, misselijkmakende zwavelgeur en kokende steen. ’Dit was het dan’ denkt Flapflap bij zichzelf, en ook nog: ‘Dat zal me leren om een vreemde zwarte hoed met witte ogen zomaar op te rapen’. ‘Ik hoop dat ik in de hondenhemel kom’ denkt Wif vaagjes: ‘want daar hebben ze alle dagen verse shoarma!’. Terwijl de apen, die nu door het dolle heen zijn, de vrienden voortprikken richting het vuur, kijken Wif en Flapflap elkaar nog een keer aan, in de zekerheid dat het de allerlaatste keer zal zijn en hun leven erop zit. Op hetzelfde moment klinkt er achter de apen een donker gebrom. Het begint zachtjes, maar al snel zwelt het sonore geluid aan...

Geen opmerkingen:

Een reactie posten